Paasparade: Een groots boek over armtierige levens

‘Paasparade’ uit 1976 van de Amerikaanse auteur Richard Yates is een boek dat best gelezen wordt op een moment dat men het zich kan veroorloven. Ook miserie kan meeslepend zijn. Er zitten vele sprankeltjes hoop in maar zelfs de meest bescheiden droom wordt niet bewaarheid. Tot overmaat van ramp kan iedereen wel een scherf herkennen van de kapot gevallen levens van de personages. Waarom het dan toch ooit lezen?

Niet voor het verhaal. Sarah en Emily Grimes en hun moeder Pookie beleven minder dan niets. Maar de kleurloze sleur en slenter van hun bestaan, diep in de twintigste eeuw, heeft ook een universeel trekje. Eender in welke tijd en op welke plaats vinden mensen dat ze eigenlijk beter verdienen en moeten ze het niettemin stellen met wat hun is gegeven. Dat is een hele kunst, eentje die de familie Grimes en wie er later door huwelijk of wisselende relaties bijkomt, helemaal niet beheersen    .

In 1930 scheidde Pookie van haar man Walter Grimes, Emily en Sarah waren toen negen en vijf jaar oud. Waarom het stel daartoe besloot, onthult Yates niet. En dat is de teneur van het hele boek ‘Paasparade’.

De gebeurtenissen overkomen de personages, ze zitten er zowat bij als willoze poppen en incasseren bijgevolg veel ellende. Het enige wat ze als antwoord kunnen verzinnen is ‘nog een whisky’ of als ze zichzelf toch enigszins ontzien ‘nog een glas wijn. En nooit zien ze helder vanwege het rookgordijn waarin ze zich voortdurend terugtrekken.

Yates heeft daar niets over te zeggen, het was tenslotte volkomen in lijn met zijn eigen levensstijl. Het is dan ook niet moeilijk om je hem als de derde persoon voor te stellen die het verhaal schijnbaar afstandelijk vertelt. Hij lijkt het moeiteloos te ontrollen en de ingenieuze constructie ervan wordt pas gaandeweg duidelijk.

De machteloosheid waarmee moeder Pookie zich via kleine baantjes bij makelaars een weg naar het grote geluk tracht te forceren. De aftandse appartementjes waarin ze met de meisjes woont en die almaar wisselen omdat Pookie voortdurend denkt dat het leven elders vlotter loopt.

Het gebrek aan houvast dat de meisjes kenmerkt en de vergeefse hang naar grote liefdes voor zichzelf.

Letterlijk alles zit van meet af aan, vanaf de eerste pagina’s, in het verhaal besloten. Niets kan goed komen. Want hoezeer Pookie, Sarah en Emily het verwachten, niets van een mogelijk geluk komt uit henzelf voort en van iemand anders krijgen ze het niet cadeau.

Quasi bezorgdheid

De enige die door haar studies toch probeert richting aan haar loopbaan en leven te geven, is Emily. Ze krijgt dan ook professionele kansen en houdt dat een aantal decennia vol. Zo goed dat ze voor haar neef Peter een soort model vormt van de vrijgevochten, zelfs een tikkeltje feministische, vrouw.

Maar de vele afhankelijke relaties die Emily heeft, spreken dat volkomen tegen. Ook die overkomen Emily, ze legt het gewoon aan met elke man die op haar pad komt en die een schijn van belangstelling voor haar vertoont. Altijd ziet Emily er wel iets in wat een verhouding kan verantwoorden maar steeds is toeval een veel doorslaggevender factor dan wel haar eigen keuze of verlangen.

Ongenadig is Yates. En altijd aanwezig omdat hij zijn ervaringen met zijn figuren deelt. Zelf doceerde hij aan verschillende universiteiten om in zijn levensonderhoud te kunnen voorzien. Zijn boeken verkochten amper, hoewel zeer door de toenmalige recensenten gesmaakt.

‘Een van de pijndoende dingen die Emily op Barnard leerde was zich intelligenter te voelen dan haar zusje. Ze voelde zich al jaren intelligenter dan haar moeder, maar dat was iets anders; toen het met betrekking tot Sarah gebeurde had ze het gevoel vertrouwen te beschamen.

(…) Emily wist niet waar haar gevoel voor humor was maar hier was het in elk geval niet, dat wist ze wel. (…) Ze nam aan dat ze het op Barnard had laten liggen, samen met alle andere dingen van betekenis.’

Barnard College is nog steeds een onderwijsinstelling in New York waar uitsluitend vrouwen een veelzijdige opleiding kunnen krijgen. Ze hanteert uiterst strenge selectiecriteria. Door haar studie  schept Emily een afstand tot haar dichtste familie en wat rest is een quasi bezorgde houding. Maar niets belet dat het met hen allemaal bergaf gaat, bij de ene is dat al wat stijler dan bij de andere.

Zwart nihilisme

Op een bepaald moment kun je als lezer niet langer sympathie bewaren voor de figuren die zich laten leven. Onverschilligheid tegenover hun lot krijgt de bovenhand. Of toch bijna helemaal. Want iets van dat onvermogen om in te grijpen, kent iedereen wel. Ook maakt iedereen wel eens een moment of een periode door waarin zij/hij liever niet zichzelf wil zijn, zou willen vluchten of afhaken en gewoon verder moddert.

De flegmatieke maar indringende schrijfsstijl van Yates doet de rest, je blijft aan het boek hangen, grijpt er steeds naar terug omdat je ondanks alles wil weten hoe het eindigt. Want slechts als de schrijver het beslist, stopt de ellende.

‘Paasparade’ is geen glorieus of verheffend boek, integendeel. Het geeft blijk van een zwarte soort nihilisme. Niet de vorm waarover Nietzsche het had, het nihilisme dat mensen op een punt brengt van waaraf ze weer beginnen zoeken en opbouwen zoals een mens aan zichzelf verplicht is. Yates maakt enkel melding van vrouwen, en een paar mannen, die tot op een bepaald punt en tegen beter weten in blijven hopen maar niet zelf aan de wending willen of kunnen bijdragen.

Dat soort van fatalisme is dan ook zijn thema. En de onmogelijkheid om elkaar ook maar een beetje te helpen.

Tegelijk en onrechtstreeks roept Paasparade een ander thema op. Dat van wel proberen je leven vorm te geven. Het staat niet in het boek maar het heeft er als tegenpool alles mee te maken.

Yates is lang dood en grotendeels vergeten. Toch kwam hij opnieuw in de belangstelling met de verfilming in 2008 van zijn allereerste boek ‘Revolutionary Road’ met Kate Winslet en Leonardo DiCaprio in de hoofdrollen.

Een mooie prent maar dan wel als Hollywoodversie van Yates en de naoorlogse jaren in Amerika die de schrijver tot leven brengt. Ook zijn boeken zijn filmisch, je ziet het allemaal voor je ogen gebeuren. Met de sluier van een zekere poverheid en angst over alles heen, gevoelens die de personages verlammen. Zo waren de jaren vijftig en zestig echt. Ook dat maakt de boeken van Yates lezenswaard, voor wie het weten wil.

 

,

Nog geen reacties

Leave a Reply